Drie Zusters
Anton Tsjechov

première:
14 februari 1990 voormalig PGEM-gebouw Arnhem


 

terug

medewerkers

foto's

pers

Drie Zusters

Anton Tsjechov

‘Dat de drie zusters door drie èchte zusjes worden gespeeld is een vondst. Maar het vertederende bij-effect valt in het niet bij hun indrukwekkende spel. Monique, de middelste, speelt vier emoties tegelijk! Maar ook de anderen acteren knap: Rik Hendriks, Wieger Woudsma en bovenal Loes Wouterson, die van het hysterische schoonzusje iets prachtigs maakt.’

(Eddy Geerlings in: Algemeen Dagblad 21/2/1990)

 

‘Tsjechovs woorden lijken zo dicht op de huid van dit gezelschap geschreven, dat er zowat een strekking spreekt uit het geëmotioneerde spel: het is vergeefse moeite te vechten tegen gevoelens. Die zijn zelfstandige grootheden, de bitterheid van de jongste zuster, de poëtische treurnis van de middelste, de ingetoomde wanhoop van de oudste. Er is geen ontkomen aan.’

(Kester Freriks in: NRC-Handelsblad 16/2/1990)

 

'De kaalslag aan het slot werkt als een moker. Wanneer de zusjes bij elkaar op een stoel kruipen, of elkaar bij de verpletterende slotaccoorden letterlijk door de ruimte slingeren, zit de toeschouwer naar adem te happen.'

(Loek Zonneveld in: Uitkrant, april 90)

 

‘Terugkijkend op de vier interpretaties die ik dit jaar van dit stuk heb gezien blijft de voorstelling van Willibrord Keesen, met de drie zusters Kuijpers uit Arnhem, verreweg de mooiste en interessantste.(...) in Keesens regie was die eenvoud, misschien uit naïviteit, echt. Ook pasten de meisjes Kuijpers in hun rollen alsof die voor hen geschreven waren. Daar kan geen Londens hogeschoolacteren tegenop. Door die eenvoud werd Tsjechow grappig en volslagen onsentimenteel en werd zijn cynisme een aanvaardbare, realistiche levensopvatting. Zo wilde hij ongetwijfeld zelf het stuk gespeeld zien.’

(Gerben Hellinga in: Vrij Nederland 22/12/1990)

 

'Een kick van het soort dat je steeds de deur weer uit zal drijven om een shotje toneel te scoren.'

(Martin Schouten in: De Volkskrant, 2/3/90)